Michiel De Groot, een ervaren duikinstructeur, verliest een van zijn teamgenoten bij een duiktrip in de Oosterschelde. Alles wijst op een ongeval. De tienjarige zoon van het slachtoffer gelooft echter in kwaad opzet. Hij kan commissaris Goris van de Brusselse politie en zijn assistent Pauwels overtuigen om de zaak te onderzoeken.
Enkele dagen later rijdt een collega van de overledene in het kanaal van Brussel en verdrinkt. Beide slachtoffers werkten bij een farmaceutische firma die nieuwe medicijnen ontwikkelt. Goris gelooft niet in dat soort toeval. Wie hier achter zit heeft geld én hersenen. Hij bijt zich als een terriër vast in de zaak.
Goris en Pauwels hebben in hun loopbaan al heel wat gevaren getrotseerd. Maar als ze oog in oog staan met een van de briljantste en gevaarlijkste wetenschappers ter wereld, schieten alle kneepjes van het politievak tekort.
- Het boek ‘Het Duivels Dozijn’gaat over twee werelden die niet voor de hand liggen. Namelijk de duikerswereld en de farmaceutische industrie met hun beveiliging en maffia praktijken. Heeft u hiervoor veel research moeten doen?
Inderdaad, zoals gewoonlijk hoef ik geen research te doen in verband met het politiewezen en de gerechtelijke procedure, maar moet ik informatie inwinnen in verband met het onderwerp. Ik heb geen ervaring met duiken, daarom heb ik raad ingewonnen bij een collega, met name inspecteur Pierre Schoeters (die zichzelf speelt in het boek). Die man is een PADI duikinstructeur en weet er dus alles van. Hij heeft mij met raad en daad bijgestaan. Ik moest er absoluut voor zorgen dat er geen fouten gebeurden, want ik vermoed dat echte duikers die passage met veel interesse en met Argusogen zullen lezen. Ook de plaatsnamen van de duikplaatsen zijn correct, evenals de diepte.
Wat de farmaceutische industrie aangaat, is de research niet te moeilijk, vermits er heel veel te vinden is op internet. Het spreekt vanzelf dat de beveiliging van hun research een belangrijke post is. Het is net als bij coca-cola; ook zij houden hun recept strikt geheim.
Proefpersonen worden via advertenties in de krant gevonden. Regelmatig staan er oproepen in kranten en tijdschriften. De geïnteresseerden moeten zich aanbieden bij een ziekenhuis of een labo, worden er aan een medisch onderzoek onderworpen en worden al dan niet aanvaard. De gegadigden krijgen voor hun medewerking een aanzienlijke som geld. Gelukkig worden de tests op proefpersonen in de werkelijkheid heel streng gecontroleerd, maar durft u uitsluiten dat één of andere proefneming verkeerd afloopt en de firma de hele affaire in de doofpot tracht te steken?
- Hoe bent u op het idee gekomen van deze verhaallijnen?
Ik weet dat zelf niet heel goed. De grote lijnen van het verhaal komen zo ineens bij mij op en dan vertrek ik. Net zoals bij de andere boeken komt de volledige plot niet ineens en herschrijf ik bepaalde hoofdstukken of breek ik plots de lijn af waarin ik aan het schrijven was en sla ik een totaal andere weg in. Dit gebeurt omdat ik beïnvloed ben door een feit in de reëele wereld of door een verhaallijn die ik beter vind.
Hier wou ik wel een beetje afrekenen met de farmaceutische wereld en de ziekenhuizen, waar ik zes jaar geleden ben beginnen schrijven tijdens mijn ziekte.
Ik had het beter niet gedaan, want sinds het boek is verschenen ben ik hervallen en lig ik opnieuw in het Onze-Lieve-Vrouwziekenhuis in Aalst, van waaruit ik nu dit interview beantwoord.

- De sfeerschepping, spanning en personages in uw boeken worden heel goed uitgewerkt tot een zeer vlot lezende stijl.
Ik ben blij dat u het zegt. Het is inderdaad zo, dat ik vooruitgang boek. Dit komt uiteraard door mijn redactrice Greet Spaepen bij Houtekiet. Zij kijkt nauwgezet toe op mijn schrijfselen en stuurt mij, daar waar nodig, bij. Het mag gezegd worden: ik ben echt blij dat ik met Houtekiet in zee ben gegaan. Het zijn er heel toffe mensen en er heerst een echt familiale sfeer. Het contact verloopt er heel vlot zowel met de baas Leo De Haes, als met de grote bazen van Linkeroever Uitgevers als met de andere medewerkers. Zij doen allemaal hun uiterste best om de auteurs bij te staan en dit mag ook eens in de spotlights worden gezet. Want een auteur is maar zo sterk als zijn uitgeverij!
- Jonas Moens een jongen van 11 jaar krijgt ook een belangrijke rol in het boek daar hij vermoed dat zijn vader vermoord werd. Ik kan me inbeelden dat fictie en realiteit hier niet ver van elkaar liggen en dat u en uw collega’s ook zo’n situaties met kinderen meemaken.
De waarheid komt dikwijls uit een kindermond. In dit geval is Stijn Goris meer dan ook geïnteresseerd in het verhaal van Jonas. Omwille van zijn eigen trauma staat hij meer open voor zulke verhalen. Goris werd ook niet geloofd toen hij zijn verhaal deed. Als er nu een kind hem iets vertelt is hij daar heel aandachtig voor. Sinds de zaken die ons land hebben geschokeerd, zijn ook de politiediensten veel alerter voor zulke verhalen.
- Dit is nu uw vijfde boek en het valt me steeds meer op dat Kinderen en jongeren die problemen hebben of meemaken ( zoals Goris tijdens zijn jeugd, nu Jonas die zijn vader verliest en Laurence die zegt dat ze verkracht is,… ) u nauw aan het hart liggen.
Kinderen zijn ook het meest kwetsbaar. Zij kijken op naar ons, volwassenen. Zij komen naar ons toe voor bescherming en hulp. Iedere volwassen moet zich daar van bewust zijn. Een kind help je, dat kwets je niet op geen enkele manier dan ook. Daarom tracht ik steeds in elk boek de aandacht te vestigen op zulke feiten.
- In het boek heeft u het ook over een ex-politieman die gaat werken in de privé beveiliging omdat dit beter betaalt. Komt dit fenomeen in het echt ook veel voor?
Ja, spijtig genoeg, verlaten sommige politiemensen het korps om in de privesector of voor supranationale instellingen te gaan werken zoals de NAVO of Europa. Het betaalt veel beter. Zonder iemand met de vinger te wijzen of te veroordelen, vraag ik mij soms af of geld wel alles goedmaakt. Ik heb nooit getwijfeld of er ooit aan gedacht om het korps te verlaten. Ik heb veel gegeven aan de politie, maar ik heb er ook veel voor teruggekregen. En dat is iets wat je niet meer loslaat.
- In 2009 zei u me dat u reeds aan het 10de boek aan het schrijven was maar dat u elk boek verscheidene keren herwerkt. Toen ik pg. 64 las moest ik daar aan denken en vroeg ik me af of dit in het originele manuscript stond?
Fragment pg. 64: … ‘ Ik hoef geen luxueuze geschenkjes zoals de vrouw van Tondeur’…al pronkt ze met het nieuwste Cartier-horloge en heeft ze weer een nieuwe Delvaux-hantas’…Goris nam zijn portefeuille en haalde er ostentatief zijn American Express uit’
Inderdaad, deze passage stond er niet in, maar is mij voorgesteld door mijn redactrice opdat er een link wordt gelegd naar de luxe die de vrouw van Tondeur tentoon spreidde om zo naar Tondeur te kunnen overstappen. Anders kwam die passage wel een beetje zonder inleiding tot stand.
-Brussels Burgemeester Freddy Thielemans zei op de boekenvoorstelling dat men in Brussel aan de hand van uw boeken een ‘Christian De Coninck wandeling’ zou kunnen organiseren. Een mooi compliment. - Ziet u dit zelf zitten, een wandeling met uw naam, of zijn er reeds plannen?
Dit is inderdaad een mooi compliment. Uiteraard zie ik dat zitten, maar er zijn nog geen plannen in die zin. Ik denk persoonlijk dat het ook nog een beetje vroeg is. Er zijn nog een aantal boeken op komst met nog meer plaatsen. Eenmaal die verschenen zijn, kan er misschien meer concreet worden nagedacht en kan er worden samengezeten met de toeristische dienst van de stad Brussel. Brussel heeft veel meer te bieden dan de Grote Markt en de Zavel. Er zijn zoveel pittoreske plekjes en straatjes en cafeetjes en restaurantjes. Het restaurant van Aldo bestaat echt en ligt in de Kleine Boterstraat. Het noemt La Capanina. Het is er zo typisch en aangenaam vertoeven. En zo zijn er zoveel plaatsen die de mensen zouden moeten leren kennen.
- U geeft ook lezingen. Waarover gaan die?
Ik werd gecontacteerd door een sprekersbureau die mensen zocht om lezingen te geven. Het is nieuw in België en ik ben met hen scheep gegaan. Ik geef lezingen over humor bij de politie. Het begint met een jonge inspecteur die zijn carrière begint en zo van de ene anecdote in de andere beland: domme dieven, gênante situaties, makabere situaties, overspelbetrappingen,... Vele verenigingen hebben mij al gevraagd om te komen spreken en dit steeds met veel succes.
Ik bereid nu een bijkomende lezing voor waarbij ik het leven van beroemde (echte) politiecommissarissen tegenover virtuele politiemensen plaats. Zo heb ik het over Vidocq maar ook over Sherlock Holmes en plaats ik Alponse Bertillon (de uitvinder van het eerste politielabo in de 19de eeuw) tegenover CSI, heb ik het over Kojak en Maigret maar ook over Nicolas de la Reynie de eerste echte politiechef in de 17de eeuw.
- U draagt het boek op aan een overleden collega. Is dit voor u uw manier om hem de laatste eer te bewijzen?
Absoluut. Ik sta vandaag dichter bij mijn pensioen dan 30 jaar geleden toen ik mijn carrière begon en naargelang het einde in zicht komt begon ik mij te verheugen dat ik tijdens mijn dienst geen enkele collega verloor. Ik begon te pronken met een citaat uit een Amerikaanse film waarin een politiechef tijdens een briefing zei: "No one dies under my watch" Ik had dit zo graag willen zeggen, maar spijtig genoeg gebeurde op zaterdag 12 juni 2010 het onherstelbare. Onze inspecteur-motorrijder Günther Seghers is tijdens een achtervolging om het leven gekomen. Ik herinner het mij nog als de dag van gisteren. Ik was op weekend in Amsterdam toen ik een sms bericht binnen kreeg met de melding van het ongeval en later op de avond een tweede bericht waarin stond dat de collega overleden was. Het was een schok. Daarom heb ik Het Duivelsdozijn aan hem opgedragen als een eerbetoon. Temeer dat in deze roman ook een jonge inspecteur wordt vermoord. Op de boekvoorstelling was de weduwe van Günther aanwezig en dat vond ik zo sterk van haar. Zij heeft één van de eerste boeken ontvangen. Maar het is nu eenmaal gebeurd en de plaats van Günther blijft eeuwig leeg in ons commissariaat, maar we zullen hem altijd blijven gedenken.
Christian De Coninck (1960) is commissaris en woordvoerder bij de Politie Brussel Hoofdstad Elsene.