|
Zwart Goud van Marc Cave (Mark Scholliers) uit Wambeek (Ternat)
 Door de financiële crisis davert de wereld op haar grondvesten. Welke oorzaken er aan deze crisis ten grondslag liggen wordt haarfijn uitgelegd in de nieuwe topthriller van Marc Cave. Het lijkt wel alsof mensen bedrogen willen worden: wanneer hun fabelachtige winsten in het vooruitzicht gesteld worden, verliezen ze alle redelijkheid.
De financiële crisis die de wereld teistert, kent vele vormen en varianten. In een geglobaliseerde wereld waarin de rusteloze zoektocht naar grondstoffen, en op de eerste plaats naar ruwe olie, geregeld leidt tot geweld en oorlog, is de vondst van een belangrijke, nieuwe oliebron de natte droom van zowat alle energiebedrijven en beleggers. Alexander ‘Lex’ Harrington heeft als geen ander die boodschap begrepen. In het dichte regenwoud van Papoea-Nieuw-Guinea stoot zijn exploratiebedrijf op een gigantische oliebel. Hij denkt maar aan één ding: zijn bedrijf zo snel mogelijk naar de beurs brengen om zijn aandelen tegen een fabuleus bedrag te verkopen. Een onmetelijke rijkdom lacht hem toe. Maar… zit er wel olie in de grond? En zullen de plaatselijke machthebbers, die over Papoea-Nieuw-Guinea heersen als was het hun privédomein, dit zomaar toelaten? Zwart Goud is een financiële thriller die inspeelt op de problematiek van de hoge olieprijzen en op de niet te stillen geldhonger van zakenbankiers en malafide ondernemers. Tegelijkertijd toont het boek aan hoe eenvoudig het is om via een notering op de Amerikaanse Nasdaq beurs, geld binnen te rijven als was het… water.
ISBN: 9789022323748 Uitgeverij: Manteau Prijs: 19,95 euro
Fragment: Op het dichte bladerdak boven hem kwam de regen met bakken neer. Als het gewicht van het water te groot werd, lieten de kelkachtige, donkergroene bladeren van de palm -en rubberbomen als in een stortbad hun inhoud neerplenzen. Gelukkig had hij die douche nog maar enkele keren over zich heen gekregen. Niet dat het veel uitmaakte. Hij was toch al drijfnat. De hoge vochtigheidsgraad en de temperatuur die op 29° leek vastgeroest, hulden het onduidelijke pad door het regenwoud in een alles omvattende condensdamp. Bovendien zweette hij als een beest. Zijn kaki tropenhemd, zijn katoenen broek tot zelfs de kousen in zijn kniehoge laarzen, waren doorweekt. Hij snakte naar het relatieve comfort van het kamp. Naar de frisse lucht die de airco zou uitbraken, terwijl hij zich zorgvuldig zou wassen in scheikundig gezuiverd, koel water.
Eerst hoorden ze slechts het tikken van een dieselmotor die niet wilde aanslaan. Dan begon de motor toch sputterend te lopen, terwijl hij enkele zwartblauwe, stinkende wolken uitbraakte. Ze zagen hoe de arm van de jaknikker, eerst aarzelend, dan sneller begon te pompen. Maar verder gebeurde er niets. Bij Snake die zich ongemakkelijk voelde omdat het niet regende en er dus veel meer insecten in de lucht waren, brak het koude zweet uit. Carlos' opstelling zou hen toch niet op dit cruciale moment in de steek laten? Zijn vrees leek bewaarheid toen een heldere straal water plots een tiental meter hoog de lucht inspoot. Verdomme! Dat liep mis. Het water hoorde voor de druk te zorgen, niet naar buiten te spuiten! Harrington liet van verbazing zijn fototoestel bijna vallen. Maar dat pijnlijke moment ging meteen over in één van triomf. Het water werd eerst troebel, dan donkergrijs en tenslotte inktzwart. Bovendien was het duidelijk geen water meer, maar een veel kleveriger substantie. De wind die het goedje hun richting uitdreef, voerde onmiskenbaar de geur van olie aan.
'Duizend keer excuus dat ik midden in de nacht bel,' begon Lasman op zijn gebruikelijke, kruiperig toontje, 'maar ik heb sensationeel nieuws,' voegde hij er in een vlaag van enthousiasme aan toe. 'Hm,' deed Harrington. Dat reportertje was een vod, maar hij kon niet ontkennen dat de man totnogtoe had afgeleverd wat hij had beloofd. Bovendien deed ie altijd precies wat hijzelf wilde. 'Wat heb je?' Het klonk nog steeds onvriendelijk, maar minder bars. 'Ik…eh… Het is op dit ogenblik niets meer dan een gerucht,' begon Lasman, die geen flauw benul had van wat hij nu verder zou gaan zeggen. 'Welk gerucht?' 'Over Palaki Oil,' flapte de journalist er bij gebrek aan andere onderwerpen uit. Intussen pijnigde hij zijn hersens om iets zinnigs te bedenken. Iets dat de interesse van Harrington zou wekken. Dat voldoende zou zijn om op de een of andere manier weer geld van die rijke zak af te troggelen. 'Wat is er met Palaki? Over welke geruchten heb je het? Harrington was nu klaar wakker.
Zich in bochten wringend en met alle kracht die hij bezat, trachtte hij los te komen. Intussen zag hij tot zijn afgrijzen dat het ventje met de gifgroene penning een mes had opengeknipt, een stiletto. Plots besefte hij dat ze niet op zijn geld uit waren. Doodsangst overstroomde hem. Met het rauwe besef dat hij voor zijn leven vocht, haalde hij met zijn linkerbeen woest naar de jongen uit. Die sprong als een volleerde danser gemakkelijk uit de weg. 'Komt er nog wat van?' De bigman begon ongeduldig te worden. Dit was een rustige straat, zeker op dit uur. Maar hij moest het lot niet uitdagen. Een burger zou niet tussenbeide komen, maar een politiepatrouille, dat was andere koek. Zeker als ze zagen dat een blanke het slachtoffer was. Met een blik vol opwinding en blijde verwachting, haalde de jongen plots uit. Het verroeste lemmet drong diep in Snake's onderbuik. Hij begon bloed te spuiten als een varken aan een haak in het slachthuis. 'Shit! In het hart had ik gezegd!'
Biografie:
Marc Cave (pseudoniem voor Mark Scholliers) werd in 1951 geboren te Ukkel (België). Op tienjarige leeftijd wint hij zijn eerste schrijfwedstrijd met het sprookje De jonge schildpad. In zijn tienerjaren schrijft de jonge Cave nog vele korte verhalen, waaronder De kleine regendruppel, dat werd gepubliceerd.
Vanaf zijn achttiende slorpt studeren almaar meer vrije tijd op. Wanneer de auteur de universiteit verlaat met een diploma economische wetenschappen op zak, laat het beroepsleven hem niet veel ruimte meer voor schrijven. Wel publiceert Marc Cave enkele wetenschappelijke boeken over economische geschiedenis en laat hij zijn creativiteit de vrije loop in enkele korte griezel- en sciencefictionverhalen.
In juni 1999 raakt Marc Cave betrokken in een zeer ernstig fietsongeval met bijna dodelijke afloop. Na een donkere periode van zware operaties en herstel wil hij meer tijd maken voor zijn kinderen, zijn vrouw Ingrid en ook voor zijn hobby’s. In april 2000 begint hij aan Draaikolk te schrijven, een financiële thriller die speelt in de wereld van de beleggingsfondsen en waarvoor hij put uit zijn rijke ervaring terzake. Dit boek wordt in maart 2004 door Manteau uitgegeven. In maart 2006 publiceert hij een tweede thriller De Optiekoning. Opnieuw is de financiële wereld de plaats van gebeuren, maar ditmaal staat voorkennis bij de aandelen -en optiehandel centraal. In augustus 2007 ziet Vals Goed het licht. Een verhaal waarin gesjoemel rond onroerend goed hand in hand gaat met een terroristische aanslag op het hoofdkantoor van SWIFT. Zwart Goud (juni 2009) handelt over een ingenieuze oplichterij rond een niet bestaande oliebron. Het toont aan hoe ontsporingen in de wereld van het grote geld aanleiding geven tot crimineel gedrag. Daarom is het ook een prima illustratie van de uitwassen die geleid hebben tot de financiële crisis die de wereld sinds midden 2007 doorworstelt.
Marc Cave is penningmeester van het Genootschap van Vlaamse Misdaadauteurs vzw.
Beroepsmatig is Marc Cave partner in een bedrijf dat zich toelegt op macro-economische analyse, op research op het vlak van activatoewijzing, op onderzoek naar de lange termijn prestaties van beleggingsfondsen en op productontwikkeling voor institutionele beleggers.
Bibliografie: Draaikolk - Marc Cave / Manteau thriller (maart 2004) De Optiekoning - Marc Cave / Manteau thriller (maart 2006) Vals Goed - Marc Cave / Manteau thriller (augustus 2007) Zwart Goud - Marc Cave / Manteau thriller (juni 2009)
|